De naam Kuma gaat terug op een regio in Japan die bekend staat om zijn bosrijke landschappen en heldere rivieren. In het Japans betekent Kuma bovendien "beer". Dat past bij deze doeken, die zich zo zacht en warm aanvoelen als een dicht bont.
Alle Kuma-doeken worden in Nepal met de hand gemaakt van 100% zuiver kasjmier, en wel met een speciale breitechniek. Dit resulteert in een doek met twee zijden. De ene heeft een fluffy lussstructuur met een bontachtige tastzin. De ander is glad gebreid en werkt rustgevend en elegant. Afhankelijk van hoe u het doek legt of bindt, toont zich nu eens de ene, dan weer de andere zijde.
De breiwijze leidt tot een natuurlijk licht onregelmatige steekvorming. Individuele lussen kunnen iets groter uitvallen. Dit is geen verwerkingsfout, maar een kenmerk van authentiek handwerk.
De Kuma-familie bestaat in twee varianten:
-
Kuma Aki (Jap. "herfst"): licht, royaal in maat van 100 × 200 cm en veelzijdig te dragen, als stola, omslagdoek of sjaal.
-
Kuma Fuyu (Jap. "winter"): gebreid uit aanzienlijk dikker garen, met meer volume. De klassieke sjaal in maat 70 × 200 cm voor het koude seizoen.